Eric

herfst

Het is nog maar net oktober, oktober 2016.

Ik liep voor de zoveelste keer naar mijn werk.
 Ik werk in het gerechtsgebouw van Groningen waar ik al 12 jaar een paar keer per week als een stamgast naar binnen ga.
Anders dan andere bezoekers hoef ik niet door de veiligheidsscan.
 De auto parkeer ik in de garage onder de Ossenmarkt.
 Ik heb al 12 jaar een abonnement op de parkeergarage. 
Het abonnement staat op naam van de hoofdredactie van de krant vanwege de belastingen of zoiets.

Ik ga naar de rechtbank om stukjes te schrijven.
Content heet dat tegenwoordig.
Het is nog maar net oktober, oktober 2016 en er liggen al herfstbladeren op de Ossenmarkt.
Dat komt misschien wel door de digitalisering die de rechtbank doorvoert ten koste van arbeidsplaatsen.
Digitalisering betekent dat wordt afgerekend met papier ten behoeve van de bomen en bladeren. 
Dat is beter voor het milieu, maar het is tegen mensen die 's ochtends voor de zoveelste keer naar hun werk gaan.

Het is ook de dag dat het 48 jaar geleden is dat mijn broertje werd geboren.
Dat gebeurde op 2 oktober 1968 in Harlingen.
Achttien dagen nadat hij tot leven was gekomen ging Eric dood.
Het is niet waar dat ik daar vaak zoals dagelijks bij stilsta
Maar soms, zoals nu, gewoon even wel.

En dan vraag ik mij af,
wat hij bijvoorbeeld vandaag had gedaan, op een zoveelste dag?
Wie hij was, zo zijn?
En of we op elkaar hadden geleken.

robz



 

Lees verder Eric

Rood

Schermafbeelding 2016-09-18 om 01.25.46

Ik fietste en zag al rijdende een veld vol gele bloemen.
 De lucht was de hele tijd al blauw.
 Ik dacht, die gele bloemen geven helemaal niet om blauw of om welke kleur dan ook.
 Het lijkt leuk, maar daarmee is het wel gezegd.
 Bloemen zijn zichzelf.

Alleen wij mensen, altijd zoekend naar samenhang, vinden zoiets leuk.
 Gele bloemen tegen zo'n hemelsblauwe achtergrond.
 Maar de lucht is natuurlijk geen decoratie.
 Zoals de natuur geen theater is.

Maar echt.

Groen

rood

In Broek hield de bioboerengeitenboerderij een open dag. Voor de gelegenheid was er een winkeltje geopend met bioboerengeitenproducten. Zoals softijs.

In de nieuwe winkel werkt Ellen. Zij kan enthousiast vertellen over geitenkaas en de makerij. Ellen denkt dat wij allen uiteindelijk - dus op de langere termijn - niet om bio heen kunnen. Alleen, en dat is de pest, hebben we dat nu, op de korte termijn, nog niet in de gaten.

Ik denk net zoals Ellen.

Verder is het zo dat Broek op de rand van Nederland ligt. Op de open dag regende het daar ook nog. Niemand kwam. Ik vond dat vooral voor Ellen heel jammer.

Tegenover de boerderij kon je bij een huis aardbeiden kopen.
Zo leek het, want de aardbeien, twee euro voor een bak, bleken al op.
Uitverkocht, zei een man die met zijn auto bezig was.

Ik ben doorgereden en zag toen rode klaprozen.

Liefde

chris
 
Ik sprak op een avond in Groningen tijdens de Nacht van de Kunst en Wetenschap. Ik deed dat in de kelder van de openbare bibliotheek. Er was aan mij gevraagd iets te vertellen over passie en misdaad. Alsof dat in het echt bestaat. Misdaad is niet romantisch. Dat heb ik dus maar verteld. 

Ik zou er geld voor krijgen, maar dat zeggen ze alleen maar om je te lokken.
Gelukkig waren er honderd luisteraars. 
Ik heb voorafgaand 1 en na afloop 13 boeken (zittingszaal 14, deel 2) weggegeven. 

Na afloop ging er een blote vrouw rond, geschoeid en met verse oesters.
De echte liefde keek vanuit de zaal toe en luisterde mee.
Het was een mooie avond.
Toen het was afgelopen zijn we samen door de nacht naar huis gefietst.

robz

joop

schermafbeelding-2016-10-07-om-00-27-05

Joop Schraders laatste dans, geen gedoe

Hij liep al een tijdje te leuren met kleine briefjes met daarop zijn e-mailadres. De bedoeling was dat je hem een berichtje stuurde. Daarmee stond je dan op de gastenlijst, voor het grote feest dat hij in Huize Maas ging vieren op de dag dat hij 75 jaar zou worden.
Hij heeft het niet gehaald.

Afgelopen dinsdag is Joop Schrader op 74-jarige leeftijd overleden. Hij was ziek. Kanker nam hem te grazen. Groningen heeft een vrolijke man verloren.

Een maand geleden deed hij nog wat hij al tientallen jaren deed. Dansen. Zondagmiddag, café Buckshot, Café Koster. Jazzcafé De Spieghel. Wilde grijswitte haren, staartje, grote snor. Een rokertje. Glas bier. Zo zullen veel mensen hem kennen. Waar live muziek werd gemaakt, daar kon je hem aantreffen. ’s Middags, ’s Nachts. Was hij er niet, dan bezocht hij met zijn campertje een of ander bluesfestival.

Joop Schrader maakte deel uit van de Groninger muziekcultuur. Niet als artiest, maar als de gepassioneerde waarnemer. Niet alles was goed. Een muzikant die niet met passie speelde, had volgens hem niets op een podium te zoeken. Dan was het: ,,Waar-de-loos. Die gast heeft de blues niet.’’

Hij had ook een ander leven: docent Engels. Hij zat 33 jaar in het onderwijs. Duizenden ‘jongens en meisjes’ moeten bij hem in de klas hebben gezeten. Wie z’n best deed, kon op hem rekenen, wie er met de pet naar gooide, niet.

In 2003 zette hij een punt achter het onderwijs. Hij verbood zijn collega’s daar op welke wijze dan ook aandacht aan te besteden. Hij hield niet van gedoe en had bovendien andere plannen. Hij huurde Huize Maas af en gaf er een swingend feest, met Gina’s Band of Blues en dj Bert Haders met een koffer vol funkplaten en de halve stad als gast.

Vorig weekeinde wilden zijn muziekvrienden hem verrassen met een allerlaatste concert, voor een allerlaatste dans. Het gesloten De Spieghel zou voor de gelegenheid nog een keer de deuren openen. Maar zaterdag werd duidelijk dat het er niet meer in zat. Joop wilde wel (‘dat wil ik niet missen’), maar het lichaam had de blues niet meer. 
Te zwak.

Zondagmiddag hebben de Bluesdaddies, uit naam van de Groninger muziekscene, toch nog even voor hem gespeeld. 
Stormy Monday, bij hem thuis aan bed. 
Een paar danspasjes, dat lukte nog. 

Toen was het op.
Dag Joop.

robz

Fiets op Schier

meest noordelijk fiets van nederland
‘Dit is op dit moment de meest noordelijke fiets van heel Nederland.’
Ze zeiden bij wijze van spreken dat als je het raam open zette, het geld naar binnen stroomde. Binnen zeiden ze dat dat geld tegen de plinten op klotste. Er wilde maar gezegd zijn dat het goede tijden waren. We waren baas en onoverwinnelijk. Dat maakte slaperig. We hadden niets in de gaten. De gebakken peren kwamen pas veel later. Dat later is nu.

Toen het nog niet nu was schonk de krant - dat wil zeggen de directeur van de krant - een cadeau aan het personeel. We kregen een huisje in de duinen op Schiermonnikoog. Dat huisje mocht je dan huren voor weinig. Het bracht mij vele malen naar het eiland, vaak in de winter.

Van het Karrepad fiets ik over de klinkers van de Badweg naar noordelijke richting, naar het einde, dan rechts het Bospad in, over de knisperende witte schelpen, langs dat mooie huis daar boven in de verte, door het natte bos, over het Scheepstrapad en dan naar het paviljoen. Met beide handen aan het stuur duw ik voorovergebogen de fiets door het rulle zand krachtig richting de waterkant. Bij een willekeurige paal stop ik. Ik zet de fiets tegen de paal.Ik steek een sigaret op, want dat deed ik toen nog.

Daarna maak ik foto's van de fiets. Dat was ook de bedoeling. Helemaal alleen riep ik tegen de zee, als een soort foto-onderschrift:'Dit is op dit moment de meest noordelijke fiets van heel Nederland.'

Het was ook een statement. Zo maakte ik niet alleen mijn fiets, maar ook het moment bijzonder. Triomfantelijk en tevreden trapte ik na dit heroïsche moment terug naar het Karde meest noordelijk geparkeerde fiets van nederlandrepad, naar het huisje tegenover de oude vuurtoren. 

Twee jaar geleden is dit huisje in de duinen - het 'Nieuwsbladhuis' - want zo heette het - liefdeloos verkocht. De krant had geld nodig om te overleven. Wij van het personeel die het cadeau destijds hadden gekregen riepen nog van, 'hé, hallo, het Nieuwsbladhuisje is van ons hoor, dat hebben wij gekregen.' 
Maar de nieuwe directeur had het niet op personeel. 

Wat er later met de fiets is gebeurd, weet ik niet meer. 

rob zijlstra