Deze nacht

Deze nacht een jaar geleden lag ik op een campingbedje op kamer 40, ergens op een eerste verdieping in het grote Universitair Medisch Centrum Groningen. 
Door de ramen van dubbelglas kon ik de Petrus Campersingel zien, maar horen kon ik niks. 
’s Middags was op deze lege kamer een rondleiding geweest om mensen te laten zien wat de bedoeling is van kamer 40. De bedoeling: hier moeten de mensen doodgaan.

Wij waren de eersten, eigenlijk waren we net iets te vroeg. 
De inrichting was nog niet helemaal zoals het was bedacht.
 Maar het ging, het kon, we klaagden niet.

’s Middags wist ik al dat het zou gaan gebeuren. 
Dat het leven van mijn vader niet meer vanzelfsprekend zou zijn, maar een kwestie van tijd was geworden.
 Ook te vroeg.

Daar lig je dan.
Daar lig je, naast een ziekenhuissterfbed waarop je vader onder een wit en eigeel gekleurde deken ligt.
 Ik luisterde naar je ademhaling. Jouw stem met woorden was al afgehaakt.

Daar lig jij dan, grote man, machinist van de wereldzeeën, daar lig je dan te sterven.
 Ik was bang in slaap te vallen.
 Bang het allerlaatste moment te missen, jij je daar vast van geen kwaad bewust. 
Ik dacht ook, dit is raar, hoe ik hier zo lig, in het grote ziekenhuis, op de grond.
 Jij had dat ook raar gevonden, maar we hadden er samen om gelachen.

Acht, negen minuten na twee uur in de nacht was het gebeurd.
 Ik maakte een foto van de klok in deze dodenkamer 40. 
Als bewijs van sterven, iets anders kon ik op dat moment niet bedenken.

Een jaar is er nu voorbij gegaan. 
Ik doe mijn best, maar nog steeds weet ik niet goed hoe te rouwen.
 Ik had gedacht, toen mij werd verteld dat jij dood zou gaan, ik had gedacht, de rest komt vanzelf. Maar dat is helemaal niet zo, het is niet waar. 
Rouwen moet je zelf bedenken.
 Zelf bedenken, zelf verzinnen.

Doodgaan doe je aan het einde van je leven.
 Jij pap, jij ging iets eerder.
 Net iets te vroeg. 
Wij waren er nog niet helemaal klaar voor.

Weet je dat Kars zijn rijbewijs heeft gehaald?
Dat Noek teamcaptain is van zijn basketbalteam?
Dat de jongens het goed doen op school?
Dat het weer iets beter gaat met de krant?
Dat jouw vriend Joost inmiddels ook is doodgegaan?
Weet je dat en dit en zus en zo?
Vanavond – vrijdag – gaan we met z’n allen eten in Termunterzijl.
Daar, daar aan de zee, daar kwam je graag.

Rob

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *